zondag 14 september 2014

Nomandië



Ons laatste tripje was alweer bijna een maand geleden ... hoog tijd dus voor nog eens een klein reisje. ;-) Een weekje Haute Normandie deze keer, een streek die we nog niet kenden. De Côte d'Albâtre dankt zijn naam aan 140 km krijtrotsen gelegen tussen de monding van de Somme in het noorden en die van de Seine in het zuiden. In Étretat zijn de falaises het mooist: hier rijzen de rotsen 50-60 meter verticaal uit de zee omhoog.

Vandaar dat ik in deze buurt een hotelletje had uitgezocht, meer bepaald in het landelijke dorp Les Loges. Een dorp waar het nog ruikt naar vers gebakken brood als je voorbij de bakker wandelt. Een dorp waar vanaf 7 uur 's morgens tot 11 uur 's avonds de kerkklokken ieder kwartier luiden en waar geen mens er van wakker ligt dat een enkele toerist wel eens graag uitslaapt tijdens zijn vakantie. Zo'n dorp dus. Heerlijk rustig en toch maar tien minuten rijden van de drukte van Étretat. Hoewel 'drukte' in dit seizoen een zeer relatief begrip is.

We werden hartelijk welkom geheten door François in Les Loges d'Étretat, kregen een uitgebreide uitleg over de oorsprong van het mooie 18de eeuwse gebouw in de typische "brick & flint" stijl van de Caux en werden naar onze kamer geëscorteerd. Een ruime kamer op het gelijkvloers met alle nodige moderne luxe voorzieningen waaronder een badkamer met een enorme inloopdouche. De overige zes kamers zijn allemaal in dezelfde trendy stijl ingericht, zij het met andere kleuren en net iets andere meubels. Erg mooi gedaan! Ook op het tuinterras en in de tuin was het heerlijk vertoeven.

Gewapend met een lijstje eetadresjes togen wij in de late namiddag naar het toeristische Étretat, voor een aperitiefje op een terras in de zon en een maaltijd met een prachtig panoramisch zicht op enerzijds de Falaise d'Aval en anderzijds de Falaise d'Amont. De mooie zonsondergang kregen we er gratis bij.

De volgende dag zijn we trouwens teruggekeerd om uitgebreid te gaan wandelen door deze toch wel woeste natuur. Hoewel Étretat maar een klein stadje is hebben we er ons uren vermaakt, rots op en rots af, en nog een rots verder, ...  Erg mooi, de ruwe rotsen waar de zee tegenaan beukt, de  wilde bloemen overal, het uitzicht dat overal anders is. En de vissers die hun lekkere buit aanvoerden in kleine bootjes. Tourteaux, bar de ligne, homards, ... 's Morgens op het strand, 's avonds op het bord. Verser kan niet.

Ook de aangrenzende dorpen en stadjes zijn uitgebreid aan bod gekomen, alsook het schitterende binnenland met zijn grazende koeien in de wei, de rollen stro op het land, bossen waar het licht zo mooi doorheen scheen. Genieten met een Grote G, en dat allemaal met open dak en een temperatuur van zo'n 20-23 graden, in Rouen zelfs 25 graden. Heerlijk!

Omdat het overal erg stil was en we toch wat gezelligheid en ambiance ambieerden, zijn we ook een dag naar Honfleur en Deauville in de Basse Normandie geweest. Honfleur zal zowat de meest toeristische stad van Normandië zijn, en aan het Vieux Bassin was het inderdaad heel druk. Het staat er dan ook overvol met terrassen. Je kan er nauwelijks passeren. De binnenstad is rustiger en er zijn een aantal hele mooie kunstgalerijen. Helaas was het beeldhouwwerk van Marie-Paule Deville-Chabrolle waarop ik mijn oog had laten vallen niet voor onze portemonnee. Deauville is ook geanimeerd, maar het trekt een totaal ander publiek aan. Aan 30 euro per dag voor twee strandstoelen is dit dan ook niet direct een plek voor jan-met-de-pet. We hebben trouwens niet op het strand gezeten, het is een zonnig terras geworden.

In Dieppe en Rouen zijn we ook geweest. Dieppe vanwege het Festival International de Cerf-Volant (vliegerfestival), dit jaar in het teken van India en Indonesië. De stad op zich was niet zo interessant, het festival was eens tof om te zien. Er wordt op muziek gevliegerd, wat zeer artistiek gedaan was.

Rouen vond ik dan weer wel een heel mooie stad. Het historisch centrum is compact maar goed bewaard gebleven. Heel veel mooie vakwerkhuizen, een aantal grote kerken (helaas allemaal in de steigers), en een hele prettige sfeer. Veel restaurantjes en terrasjes langsheen onze stadswandeling. Daar hebben we dan ook volop van genoten!

Op de terugweg naar huis zijn we langs Saint-Valéry-sur-Somme gereden en hebben daar nog even rondgewandeld. Ik had er mij meer van voorgesteld. Als je de oversteek van de Baai van de Somme niet doet, dan valt er weinig te beleven daar. Het was er overigens wel stikdruk! Verder langs Calais naar De Panne om nog even te genieten van de laatste zonnestralen.

En zo kwam er weer een einde aan ons uitstapje. Wat hebben we geluk gehad met het weer. Daar staat en valt alles mee!

dinsdag 19 augustus 2014

Wenen

 

Wenen




Tweede citytrip dit jaar. Deze keer georganiseerd door de Vriendenclub van manlief zijn werk. Een citytrip naar Wenen. De stad stond al langer op mijn wenslijstje en dit vonden we een mooie gelegenheid. Anders zou het toch maar weer naar achteren geschoven worden. Mijn moeder heeft er altijd van gedroomd om Wenen te bezoeken. Een extra reden voor ons om te gaan.

Zo vertrokken wij op 14 augustus in alle vroegte naar de luchthaven voor de vlucht van 7u05 naar Wenen. Goed anderhalf uur later stonden we al op Wenen airport. Meer dan ideaal dus. 

Met de bus naar het hotel, inchecken ging uiteraard nog niet maar onze koffers werden netjes in de bagagekamer gezet en gewapend met een stads- en metroplan gingen wij er snel met ons tweeën vandoor. Het weer was wat grijzig maar dat mocht de pret niet drukken.

Uiteraard moest er eerst koffie gedronken worden, in Weense stijl, bij een van de bekende Wiener Cafés. Café Mozart had de eer om ons de eerste wiener melange te mogen schenken. Aan 5,50 euro voor een kleine tas wel goed aan de prijs maar kom, je bent tenslotte niet in Wenen geweest als je die bijzondere gelegenheden niet bezocht hebt.

 
Verder hebben we ons gewoon ondergedompeld in al het moois wat er in Wenen te zien is. Gebouwen, immens veel imposante gebouwen, paleizen en tuinen voornamelijk. De HofburgSchloss SchönbrunnSchloss BelvédèreWiener StaatsoperBurggartenMuseumsquartier, ... maar ook gewone huizen 'in de rij'. Veel te veel om in vier dagen te kunnen bevatten. En dan heb ik het nog niet gehad over de vele kerken. Een walhalla voor architectuurliefhebbers, eigenlijk voor kunstliefhebbers in het algemeen.

Natuurlijk moesten wij, als regelrechte toeristen, ook een ritje op het Riesenrad  maken. En dan heel snel weer weg van het Prater, want zo'n druk pretpark is echt onze stijl niet. 

Ga ik nog terug naar Wenen? Neen, want ik voelde geen binding met deze stad. Het is mij te klassiek, te popperig, te braaf, te statig, te koel, te veel toegespitst op Franzl & Sissi, op een sprookje waarvoor ik helaas te veel met beide voeten op de grond sta.

donderdag 26 juni 2014

Andalucía

 

Andalucía



En daar was de maand juni weer, al jaren onze vakantiemaand. Door ziekte van ons allebei hebben we wel tot op het laatste moment getwijfeld of we niet beter zouden annuleren, maar uiteindelijk besloten we om toch maar te vertrekken voor onze 3-weekse fly & drive Andalusië. We zouden wel zien ... 

Na aankomst op de luchthaven van Málaga namen we onze Renault Clio in ontvangst en reden we naar ons eerste verblijf, een hotelletje aan de rand van de stad. Vijf nachten hadden we hier geboekt, om wat te genieten van het strand en om de stad Málaga te verkennen. Málaga is tegenwoordig erg in trek als citytrip-stad en dat is zeker terecht. Een mooie en propere stad waar veel te bezichtigen is, leuke pleinen en pleintjes, lekker eten, het strand La Malagueta vlakbij. En we konden alles op de fiets doen want onze gastheren Jeroen en Frens hebben voor iedere gast een gratis fiets ter beschikking. Dat was natuurlijk, in ons geval met een man die nauwelijks kon lopen, een groot voordeel! Kortom, een goed begin van onze vakantie. Hoewel ...  


Op dag 2 voelde ik me niet lekker en heeft Frens voor mij een afspraak kunnen regelen bij zijn huisarts. Een uitgebreid onderzoek en vele vragen later had ik een recept op zak voor antibiotica (de vierde reeks sinds half mei). Op hoop van zegen ...

Vanuit Málaga hebben we nog een dagtrip gemaakt naar Comares, een hele mooie pueblo blanco in de bergen. Nu ja, heuvels. We hebben daar een uitgestippelde 'stads'wandeling gemaakt.  
Niet met een kaart of met een gidsje, maar aan de hand van keramieken 'voetstappen'-tegels tussen de bestrating van de smalle straatjes. Heel origineel.

En natuurlijk moesten we ook nog eens in Marbella gaan kijken. We zijn er vroeger zo vaak geweest, toen het nog het walhalla voor de rijke Arabieren was. Nu zit er stikvol nieuw-rijke Russen, wier vrouwen blijkbaar allemaal naar dezelfde plastische chirurg gaan, want ze lijken allemaal op elkaar. Neen, Marbella viel vies tegen. Gelukkig hebben we er wel heel lekker gegeten ... bij een restaurant met een Belgische chef, zo bleek tijdens een babbeltje met de knappe jongeman die ons bediende. 


Onze 5 dagen Málaga zijn voorbij gevlogen en voor we het wisten zaten we alweer in de auto op weg naar onze volgende bestemming: Granada.
De route hebben we trouwens langs de kleine wegen gereden, dwars door de Alpujarras. Mooi, mooi, mooi! Tussenstop was voorzien in Trevélez, bekend om de lekkerste jamón ibérico. Wat ik trouwens niet wist, is dat de term 'pata negra' niet meer mag gebruikt worden. Ofwel heb je jamón ibérico (van de donkere varkens), of jamón serrano (van de witte varkens). 
Omdat het langs de kleine bochtige bergwegen natuurlijk voor geen meter vooruit gaat vreesde ik een beetje dat we niet op tijd in Trevélez zouden zijn voor de lunch. Buiten de steden worden de lunchtijden namelijk heel strikt aangehouden. Dus stopten we in een bergdorp onderweg, zo'n dorp met een kerk, een paar huizen en een bar. In een van de huizen hing er een vrouw door het raam op de verdieping die ons toeriep 'aquí restaurante'. Tja, we moesten toch iets eten, dus wij ernaartoe. Blijkt dat het lieve mens haar huiskamer vol kleine tafeltjes had gezet en voor eventuele gasten een stevige maaltijd op tafel zet. We hebben haar maar iets laten klaarmaken wat zij voorstelde want we waren toch een beetje de kluts kwijt. Waar waren we terechtgekomen? Eind goed, al goed natuurlijk. Lekker gegeten en gedronken en ons best gedaan om te begrijpen wat de praatgrage vrouw allemaal vertelde. Ruim anderhalf uur later stonden we in Trevélez waar alle bars en restaurantjes nog open waren ...

Onderweg hebben we nog genoten van het mooie landschap, van de bloeiende struiken langs de weg, en van de besneeuwde bergtoppen van de Sierra Nevada. Jammer dat er zo weinig plekken zijn waar je eens kan stoppen om een mooie foto te maken, want fotogenieker dan dit kan bijna niet.

's Avonds om een uur of zeven kwamen we in Granada aan en toen ik uit de auto stapte dacht ik dat ik dood ging. Zevenendertig graden maar liefst en een drukte van jewelste, waarschijnlijk vanwege de zaterdagavond en het lange Pinksterweekend. Gelukkig hadden we een rustig gelegen hotelletje met een hele goede airco op de kamer. Ik voelde me echt niet lekker, kreeg geen lucht en ik vreesde dat Córdoba, onze volgende stop én de warmste stad van Spanje, nog erger zou zijn. Na veel wikken en wegen hebben we toen besloten het hotel in Córdoba te annuleren en een hotelletje te boeken aan de zee waar het allicht wat frisser zou zijn en waar ik wat meer lucht zou hebben.

De volgende morgen waren we al vroeg op pad - hoe vroeger hoe frisser tenslotte - en het viel me allemaal erg mee. De temperatuur was een aangename 25° en het was rustig in de straten. We hebben eerst de vooraf bestelde tickets voor het Alhambra uit de automaat gehaald en hebben toen de bus genomen naar het Albayzín. Daar zijn we op het hoogste punt uitgestapt en langs de kleine straatjes terug naar beneden gekomen. Manlief was in goede vorm want hij heeft maar een paar keer een korte rustpauze genomen. In de namiddag hebben we het Alhambra bezocht, eerst het Generalife en de tuinen en om 6u hadden we een timeslot voor de Palacios Nazaríes. Eigenlijk is het niet slecht dat er maar een beperkt aantal mensen per tijdslot toegelaten worden, zo wordt het nooit te druk en kan je rustig kijken en foto's nemen.  

Toen we daar buiten kwamen om een uur of acht was het nog steeds zesendertig graden. We hebben ons gedoucht en

omgekleed en op onze kamer gewacht tot de temperatuur buiten wat gezakt was, en toen kreeg ik toch zo'n spijt dat ik Córdoba geannuleerd had, want ik had zo graag de Mezquita nog een keer gezien en ik had tickets voor een heel bijzondere flamencoshow. Dus heb ik het hotelletje aan zee maar weer geannuleerd en naar het hotel in Córdoba gebeld om te vragen of onze kamer nog vrij was. En die was nog vrij!

De volgende morgen heeft manlief de plaatselijke economie nog wat gesteund door de aankoop van kleding en schoenen. Ik heb hem moeten herinneren aan de bagage restrictie van 23 kilo per persoon op het vliegtuig, anders zou hij nog veel meer hebben gekocht! En dan zijn we, weer langs de kleine wegen, naar Córdoba vertrokken. Het eerste stuk zagen we niet anders dan olijfgaarden, zo ver het oog reikt. En verderop velden vol zonnebloemen, kilometers en kilometers lang. Een prachtig zicht!

Córdoba was heet, heel heet maar het was er enorm rustig en dan lijkt de hitte veel beter te verdragen. In het hotelletje kregen we de beschikking over de 'private suite', twee verdiepingen hoog - 54 trappen - zonder lift maar heel erg ruim met een apart slaap- en zitgedeelte en een privé terrasje met loungemeubels. We hebben er geen gebruik  van gemaakt want je smolt er weg van de hitte. Ook in deze kamer weer een super airco gelukkig. Toen het wat afgekoeld was naar tweeëndertig graden waagden we ons naar buiten, naar de Judería wijk die ik mij nog herinnerde alsof ik er gisteren nog geweest was. Het is nochtans een jaar of dertig geleden (van Granada herinnerde ik mij trouwens nog nauwelijks iets). Wat heb ik weer genoten van de prachtige patios in de stad.

De volgende dag ook weer vroeg uit de veren, voor een bezoek aan de Mezquita. Ik had echt geen tickets op voorhand moeten bestellen want er was nauwelijks volk. Soms waanden we ons alleen in dat immense indrukwekkende bouwwerk. Daarna hebben we ook nog het Alcázar bezocht, wat geterrast en tegen 22u werden we verwacht bij Arte y Sabores voor de flamencoshow. De show vindt plaats in een hele kleine tablao, een uniek antiek badhuis uit de 10de eeuw. Het biedt plaats aan maximum 30 gasten. Ik denk dat we met 16 waren en dat was perfect.  








Het was absoluut geen toeristische show met veel kleur en poespas. De twee danseressen en de danser waren volledig in het zwart gekleed, verder was er nog een zanger en twee gitaristen. Het was een vrij ruwe versie van flamenco (ook wat sevillana erbij), dramatisch en heel passioneel. Door het beperkt aantal toeschouwers werd het een heel intiem gebeuren. Ik had het niet willen missen.

De volgende dag na het ontbijt zijn we vertrokken voor onze laatste etappe: naar zee, naar Conil de la Frontera meer bepaald.


We zouden Sevilla passeren en daar wilden we in eerste instantie nog even afstappen om te lunchen. Maar we weten van vorig jaar dat parkeren er heel moeilijk is en tijdens het rijden en het surfen op mijn smartphone (hij reed, ik surfte) las ik iets over Carmona, het kleine broertje van Sevilla. Dat kenden we niet, dus hebben we daar geluncht en wat rondgelopen. Heel leuk stadje trouwens. Meer kerken dan inwoners, zo op het eerste zicht.

En zo kwamen we dan uiteindelijk in Conil de la Frontera terecht, een badstad met zo'n 20.000 inwoners ... tijdens de zomervakantie oplopend tot 200.000.  Maar in juni gelukkig nog heel erg rustig, op de weekends na.
De toeristen hier zijn voornamelijk Spanjaarden en Duitsers (of Duitstaligen in ieder geval). Ook een enkele Nederlander, maar Vlaams hebben we er niet gehoord.


Ons huis lag in een nieuwe woonwijk aan de rand van de stad, gewoon tussen de plaatselijke bevolking. Het lag op 10 minuten lopen van het strand en 15 minuten lopen van het oude centrum. Al namen we altijd de auto om naar het strand of naar de stad te rijden want ons huis was nogal hoog gelegen. Naar strand/stad was zo geen probleem, maar terug ... 
Ook hier was het heel heet en de levante wind waaide, dwz dat je op het strand zowat wegwaait.  De eerste paar dagen hebben we dan ook gewoon aan en in ons zwembad doorgebracht. De andere helft van het huis was niet verhuurd, dus we hadden het zwembad helemaal voor onszelf. Heerlijk!

Helaas stond ik ook hier op dag twee alweer bij de dokter voor antibioticakuur nummer vijf (in evenveel weken tijd).

Vanuit Conil hebben we nog uitstappen gedaan naar het pittoreske Vejer de la Frontera, naar Cádiz, naar Sanlúcar de Barrameda en naar Jerez de la Frontera. Cádiz was best wel de moeite, in Sanlúcar en Jerez was niet zo veel te zien. En uiteraard hebben we ook wat (halve) dagen aan het heerlijke strand doorgebracht. Allemaal leuk, allemaal erg van genoten.

Met de gezondheid van ons beiden ging het ook alsmaar beter. Manlief heeft zelfs op onze laatste vakantiedag een strandwandeling gedaan van iets meer dan een uur. Dat hij  's avonds dan weer redelijk wat pijn had nam hij dan maar op de koop toe.

En zo kwam er ook aan deze vakantie weer veel te snel een einde. Op naar de volgende ...

Totaal aantal kilometers gereden: 1.870.





Logies:
Málaga, Villa Lorena
Aantrekkelijke villa met 7 kamers in de residentiële wijk El Limonar, aan de rand van de stad. Villa met klein zwembad en terras/tuintje. Perfect rustig gelegen. Erg leuke Nederlandse uitbaters die geen moeite uit de weg gaan om het hun gasten naar de zin te maken en een huiselijke en gemoedelijke sfeer creëren. Gratis fietsen voor iedere gast, lekker vers ontbijt 's morgens, veel info en tips. 5 min. fietsen naar het strand La Malagueta, 10 min. fietsen naar de stad, 10 min. fietsen naar de heerlijke visrestaurantjes op de boulevard van Pedregalejo.
Ik had hier een standaardkamer geboekt. De kamer had helaas weinig kastruimte en ze was ook vrij donker vanwege de veranda die ervoor zat, en de badkamer was aan de kleine kant. Er was geen koelkastje op de kamer maar er was wel een grote 'honesty bar' in het huis. Wel koffie- en theezetfaciliteiten op de kamer trouwens. Gratis WiFi. Individuele airco. Parkeren op straat (hadden altijd plaats recht voor de deur).
Als we nog een keer naar Málaga komen, dan wil ik beslist weer bij Jeroen en Frens logeren, maar dan boek ik wel een luxe kamer met balkon.
Prijs/kwaliteit: goed.

Klein design hotel in een rustig straatje. Goed gelegen, vlakbij de winkels en op wandelafstand van het Alhambra, al hebben wij de bus genomen vanwege de hitte en het feit dat manlief zich een beetje moest sparen om het Alhambra nog te kunnen 'doen'.
Ik had hier een superior kamer geboekt. Deze lag op de derde verdieping aan de straatkant en was zogenaamd 'soundproof'. Dat was helaas niet het geval en gezien de drukte op de zaterdagavond/zaterdagnacht hebben we allebei met oordopjes geslapen. De volgende nacht hebben we trouwens geen lawaaioverlast meer gehad. 
Ook hier geen koelkastje, ook geen koffie- en theezetfaciliteiten. Gewoon een degelijke kamer met goede bedden en een badkamer met inloopdouche. Gratis WiFi. Individuele airco. Geen eigen parking, maar wel mogelijkheid tot parkeren tegen verminderd tarief in een parkeergarage (met camerabewaking) op enkele minuten wandelen van het hotel.
Ontbijt wordt hier niet geserveerd, maar kan genomen worden in het naastgelegen restaurant van het hotel, à la carte. Voor 5 euro heb je een prima ontbijt met versgezette cappuccino, vers appelsiensap, een toast met ham of kaas en een grote croissant.
Prijs/kwaliteit: onovertroffen.

Hotelletje met 12 kamers en een 'private suite'. Deze hadden wij! Zeer ruime kamer met slaapgedeelte - het slaapgedeelte was groter dan onze slaapkamer thuis! - en zitgedeelte, heel veel kastruimte en grote badkamer met ligbad/douche. Heel rustig gelegen. Gratis WiFi. Individuele airco. Geen eigen parking, maar wel mogelijkheid tot parkeren in een parkeergarage (met camerabewaking) op vijf minuten wandelen van het hotel.
Ook hier wordt geen ontbijt geserveerd maar zoals overal in Spanje kan je in iedere bar/pasteleria ontbijt krijgen. Er waren mogelijkheden te over in de onmiddellijke nabijheid van het hotel.
Prijs/kwaliteit: onovertroffen.

Conil de la Frontera, Appartement Atalaya 2
Een vrijstaande woning in de nieuwe wijk Atalaya. Geen vakantiecomplex, gewoon een huis in een straat met plaatselijke bewoners.
Het huis is opgedeeld in twee appartementen. Wij hadden het appartement op de verdieping gehuurd (benedenburen geven minder hinder dan bovenburen). Het is een ruim appartement met een living met volledig geïnstalleerde open keuken, twee slaapkamers met veel kastruimte, een badkamer met ligbad/douche, een terras met tuinmeubels, een groot dakterras, beneden een gezamenlijk terras met zwembad, vanuit ons appartement met een buitentrap te bereiken, en een immense ondergrondse garage. Overal airco en free WiFi uiteraard!
De benedenverdieping was niet verhuurd, dus wij hadden het benedenterras en het zwembad voor ons alleen. Super!
Prijs/kwaliteit: zeker zijn geld waard.


zaterdag 26 april 2014

Barcelona

 

Barcelona


We waren allebei een week thuis (ik noodgedwongen vanwege vakantie van mijn werkgeefster) en waren vast van plan om ook gewoon thuis te blijven. Het terras en de tuin zomerklaar maken enz. Maar de vrije week naderde met rasse schreden en het plan om thuis te blijven leek al helemaal niet meer zo aantrekkelijk. We wilden gewoon weg. We zijn nu vrij en ongebonden, het is NU dat we alle kansen moeten grijpen. We hadden allebei wel zin in nog eens een weekje Saint-Tropez en omstreken. Helaas is 2x2 dagen 600 km rijden om dan nog vier dagen ter plekke te zijn aan ons niet besteed. Wij rijden graag, heel graag zelfs, maar wij hebben de laatste jaren wel de geneugtes van de fly & drive ontdekt. Helaas, een ticket Nice of Marseille zat er niet in vanwege veel te kostelijk ... alleen nog business class beschikbaar. Dat heb je als je pas twee dagen voor vertrek wil boeken. Even gekeken of Ryanair nog min of meer betaalbare vluchten had vanaf Zaventem naar 'ergens'. En daar kwam Barcelona uit. Een vroege heenvlucht en een late terugvlucht, vier volle dagen ter plaatse. Nog niet eerder geweest en al lang op de 'to do' lijst. Doen dus! [Terwijl ik nog met manlief aan het overleggen was, was de prijs van de vluchten alweer met 60 euro per persoon gestegen ... ik heb dus heel snel toegehapt.]

Aldus geschiedde en zo stapten wij dinsdag 22 april nog voor het middaguur uit de Aerobús die om de tien minuten vanaf de luchthaven naar de stad rijdt. Piece of cake. Neergeploft op het eerste het beste terras voor een cortado (tallat in het Catalaans) en dan nog tien minuten stappen naar het geboekte hotel, Royal Passeig de Gracia (een aanrader!).
Ik kende de stad en de verschillende wijken helemaal niet en tijd om me uitgebreid in te lezen had ik ook al niet. Ik wist wel dat ik absoluut geen hotel wou in de drukte van La Rambla of de Barri Gòtic. De wijk L'Eixample (centrum), in het hart van de stad, leek me wel wat voor ons en dat bleek een zeer goede keuze: vlakbij Casa Batlló en La Pedrera, op loopafstand van de Sagrada Familia, de Barri Gòtic, de Ciutat Vella en de winkels à la Armani, Philipp Plein, Gucci, enz.

De eerste avond hadden we een reservatie bij Saboc, een goeie tip van een kennis. Saboc is geen klassiek restaurant en ook geen tapasbar. Het menu is gebaseerd op vier types van bereiden (cuina de temperatura, in het Catalaans) en ook de kaart is opgedeeld in dezelfde vier types: 20° (rauw), 80° (op lage temperatuur gegaard - op de foto egg at 62 ºC with vegetables and rosemary oil), 100° (gestoofd), 200° (gebakken). Voor-, tussen- of hoofdgerechten kennen ze hier niet. Het zijn gewoon allemaal losse gerechten en het is de bedoeling dat je deelt met je tafelgenoot. Soms komen dezelfde ingrediënten terug in de verschillende bereidingsvormen en dan wordt ook echt duidelijk dat smaken totaal veranderen onder invloed van temperatuur. Hier wordt een inventieve en zeer smaakvolle zuiderse keuken geserveerd. De smaak van een product is hier duidelijk primair.
Er werd ons aangeraden maximum 5 à 6 gerechtjes in totaal te bestellen. Daar hebben we ons aan gehouden en dat was ook voldoende. Echtgenoot heeft uiteraard nadien nog een dessert genomen (zelfde portionering als de andere gerechten). We hebben heerlijk gegeten!


Op de avond van Sant Jordi hebben we een uurlang gezocht om een plekje te vinden in een restaurant, tapasbar, pintxosbar, ... Het was ons al eender maar overal zat het stampvol. Het lijkt wel of heel Barcelona de deur uitkomt op Sant Jordi. Hij is natuurlijk niet voor niks de patroonheilige van Catalonië. Uiteindelijk hebben we om half tien dan toch nog een tafeltje gevonden bij Artapas. Niks hoogstaand, maar wel lekkere tapas en heel veel keuze. Het resultaat van de late maaltijd - we waren er maar om elf uur buiten, hebben nog lang moeten wachten tot we bediend werden - was een slapeloze nacht. Maar goed, dat ben ik inmiddels wel gewend.

We hebben heel veel gezien en gedaan tijdens ons kort verblijf. Ik had voor de monumenten die we wilden bezoeken op voorhand online tickets besteld. Gelukkig, want overal waren de rijen heel erg lang. Het systeem op zich is goed, en ik zou ook niet weten hoe het anders moet, maar altijd op je klok moeten kijken om je timeslot te halen voor een bepaald monument maakt een ontspannend stadsbezoek bijna onmogelijk.

Onze laatste dag was er eentje in mineur. Er stond nog een themawandeling door El Call (de Joodse wijk) op ons programma, gecombineerd met de Picasso route, en we zouden nog wat gaan shoppen maar helaas stak manlief zijn been stokken in de wielen. Hij kon geen honderd meter lopen zonder even te moeten zitten. En op den duur deed zitten zelfs pijn.We hebben nog het Palau de la Música Catalana kunnen bezoeken zoals gepland. Dan hebben we een taxi genomen naar Barceloneta waar we de hele namiddag op een terras hebben doorgebracht. Op zo'n moment is het dan niet leuk dat je tot 22u30 moet wachten voor je naar huis kan vliegen ...

Maar goed, we zijn er weer eens uit geweest.

vrijdag 31 januari 2014

Cabo Verde

 


Augustus vorig jaar kreeg ik een interessante aanbieding in de mail: twaalf dagen Boa Vista voor de prijs van zeven, te vertrekken in de maand januari 2014. Omdat we toch eens iets anders wilden dan Egypte, Jordanië of Eilat, maar wel warm en niet te ver ( we zijn niet veeleisend), hebben we onmiddellijk geboekt.

We hadden absoluut geen idee wat we ervan moesten verwachten maar onze buren zijn al een paar keer geweest en zij vinden het de absolute top. Wij zouden het vanaf 18 januari zelf gaan beleven.

Omdat we een vroege vlucht hadden, had ik een park-sleep-fly arrangement geboekt bij het Golden Tulip aan de luchthaven. Comfortabele kamer en prima service. Op het gevraagde uur werden we met onze bagage op Brussels Airport gedropt, en twaalf dagen later ook weer opgehaald. De long term parking op Zaventem is een stuk duurder!

Aldus vlogen wij op 18 januari richting Boa Vista, het nog niet zo toeristische broertje van Sal. Boa Vista is een eiland van 30 bij 30 vierkante kilometer. Er was weinig lectuur over te vinden en ondertussen weten we ook waarom. Er is daar eigenlijk helemaal niks te zien buiten wat mooie witte zandstranden en hoge wandelende zandduinen (noem het een mini woestijn). Geen mooie fauna of flora, alles is er kaal en dor. Het hele eiland telt vier all-inclusive hotels: drie in het noordwesten en een in het zuiden. Er is één geasfalteerde weg. Deze loopt van de luchthaven naar de hotels. Voor de rest zijn het in het beste geval kasseiweggetjes, maar de meeste wegenis bestaat gewoon uit 'piste'. 

Bijgevolg was dit een vakantie van luieren, zonnen, zwemmen, lezen, eten en drinken in het mooie Riu Karamboa resort.


We zijn één dag op stap geweest met Franca van Baobab Tours: achterop een pick-up naar het noorden en het zuiden van het eiland. Franca woont met haar man sinds 2006 op het eiland - toen was er één hotel - en is inmiddels echt een eilander geworden. Ze spreekt het creools zoals de eilandbewoners, is echt één van hen. Ze kan enorm boeiend vertellen over de geschiedenis en het ontstaan van de Kaapverdische Eilanden, kortom het was een interessante dag zo al hobbelend over Kaapverdiaanse wegen.


Uiteraard hebben we ook de 'hoofdstad' Sal Rei bezocht, tien minuten per taxi vanaf ons resort. Het stadje bestaat uit een dertigtal huisjes, er zijn een paar barretjes en een restaurantje alsook een mini mini supermarktje, een kleine vishal en een groenten- en fruitmarkt. Er wordt nu stilaan ook gezorgd voor de individuele toerist door het bouwen van een kleinschalig eenvoudig appartementencomplex.

Wat ons zeker zal bijblijven van deze vakantie is de vriendelijkheid en de goedlachsheid van de Kaapverdianen, zowel in het hotel als in de stad. Overal lachende vrolijke mensen. Nog zonder $-tekens in de ogen ... laat ons hopen dat dat zo blijft. Mooie mensen ook trouwens, in kleur variërend van koffie met melk tot pikzwart.


Het weer was niet helemaal zoals we het ons hadden voorgesteld, veel wind, vaak bewolkt en niet erg stabiel, maar we zijn in ieder geval weer eens flink uitgerust en kijken alweer uit naar de volgende vakantie ...