dinsdag 31 maart 2026

Lanzarote

Wij zijn op dit ogenblik op het eiland Lanzarote, een van de Canarische Eilanden. Het “zwarte” eiland.

Lanzarote is ontstaan door onderzeese vulkanische activiteit en werd gevormd door de opstuwing van lava vanaf de zeebodem. Een zes jaar durende reeks uitbarstingen in de 18de eeuw bedekte ongeveer een kwart van het eiland met lava en as, wat het huidige maanlandschap creëerde. Zo ontstond het Parque Nacional de Timanfaya, een van de trekpleisters van het eiland.

We waren hier al eerder, zo’n veertig jaar geleden. Vanwege de kwetsbaarheid van het landschap mag je niet zelf door het nationaal park rijden. Je rijdt tot aan het bezoekerscentrum en daar stap je op een bus voor een rondrit tussen de Montañas del Fuego (vuurbergen). De rit duurt een dik half uur en commentaar is er in vijf talen. Je kan er ook wandelen maar alleen onder leiding van een gids. Destijds deden wij de excursie op de rug van een dromedaris, hier “camello” genoemd. De kamelen zijn inmiddels verdwenen.

Het landschap is spectaculair en uniek, een surrealistisch “maanlandschap” van ruim 50 km2. Het bestaat uit kraters, vulkaankegels, versteende lavastromen en asvelden in rode, zwarte en okerkleurige tinten, vrijwel zonder vegetatie.

Na de rondrit worden er nog enkele demonstraties gegeven ter illustratie van de hitte die nog steeds actief is onder het aardoppervlak. Op zeer geringe diepte, pakweg een meter, gooit men wat verdroogd gras in een put dat direct ontbrandt. Op 10 meter diepte worden er temperaturen gemeten van 400 tot 600 graden. De hitte wordt gedemonstreerd door water in een gat in de grond te gieten, wat resulteert in een stoomgeiser.

Een mooie en interessante excursie!

Ik heb er een album van gemaakt. Klik HIER.

Timanfaya
Er waren eens ...

… twee toeristen op Lanzarote die

… de aanbevelingen van de weerdienst in de wind sloegen (no pun intended) en op een regenachtige dag toch de weg op gingen met hun huurwagen

… in de bergen in zwaar weer terechtkwamen met vaak stortregen en harde wind

… op een gegeven moment in de dikke laaghangende bewolking zaten en op den duur geen hand meer voor ogen zagen

20260323_114736

… in de hun ‘vreemde’ wagen de knop/hendel van de mistlampen niet vonden

… op die bergweg nergens konden parkeren of uitwijken om terug te draaien

… dan maar doorgereden zijn nadat ze het hoogste punt gepasseerd waren

… na dat avontuur braafjes de rest van de dag in het hotel hebben doorgebracht.

Die twee toeristen,  dat waren wij.

Nabeschouwing

We hadden niet zo’n goede week uitgezocht om naar Lanzarote te gaan. Alles hebben we gehad: veel regen, wind, onweer en storm Therese die over de eilanden raasde. Zon? Te weinig. Het is wat het is natuurlijk.

Nu gaan wij niet om aan het zwembad of het strand te zitten, maar safety warnings krijgen met de vraag om binnen te blijven en geen onnodige verplaatsingen te doen, dat is niet leuk tijdens de vakantie.

Wij gingen voor een hernieuwde kennismaking met het eiland: Parque Nacional de Timanfaya ; wandelen in de caldera van de Volcán El Cuervo ; bezoek aan de diverse werken van kunstenaar César Manrique zoals het kunst- en cultuurcentrum in de vulkanische grot Jameos del Agua, de Mirador del Rio, de Jardín de Cactus, … We hebben dat allemaal al wel gezien zo’n 40 jaar geleden maar ik weet er niet veel meer van. Een boottocht naar het eiland La Graciosa stond ook op de planning. Je kan plannen zoveel je wil, het leven loopt vaak anders. Ik weet er alles van.

Gelukkig hebben we toch nog wel een paar dingen kunnen bezoeken. Timanfaya onder andere.

Riet vroeg me toen of er dan helemaal geen groen is op het eiland. Jawel hoor, dat is er wel want vulkanische grond is rijk aan mineralen. Het is alleen de combi heel droog klimaat en veel wind die het moeilijk maakt om gewassen te verbouwen. De boeren gebruiken unieke methodes om toch iets te laten groeien: planten worden in kuilen in de lava gezet met muurtjes eromheen tegen de wind. Het vulkanisch gesteente houdt ’s nachts vocht vast uit dauw en geeft het overdag af. Ideaal in een gebied met weinig regen (behalve dan toen wij er waren) waar irrigatie nauwelijks mogelijk is.

We zijn ook eens gaan kijken in Puerto del Carmen, waar we veertig jaar geleden verbleven. Puerto del Carmen heeft een heel breed strand. Dat was volledig ondergespoeld door de overvloedige regenval. Op het strand stond de toren van de redders voor de helft in het water. De straten stonden blank, de putdeksels kwamen naar boven. Ook in Playa Blanca waar we een keer gingen lunchen op een leuk terras aan de boulevard zijn we moeten gaan verhuizen voor het water. Het spatte tot over de tafels van de eerste rij. Wel de nodige lol gehad met de wandelaars die totaal onverwacht gratis een douchebeurt kregen. Ook in Playa Blanca was het strand niet te zien.

En last but not least zijn er natuurlijk nog de kunstwerken van César Manrique. Wat Antoni Gaudí is voor Barcelona en Santiago de Calatrava voor Valencia, dat is César Manrique voor Lanzarote. Manrique (°1919 – †1992) was schilder, beeldhouwer, architect, landschapsontwerper en activist. Hij vond dat kunst niet los mocht staan van de natuur. Hij ontwierp plekken waarbij gebouwen, lava en landschap volledig in elkaar overlopen. Hij zorgde er ook voor dat Lanzarote beschermd werd tegen het massatoerisme. (*) Dankzij hem is er nauwelijks hoogbouw op het eiland en zijn alle gebouwen wit met groene of blauwe accenten.

Van zijn hand zijn de Mirador del Rio die we op een heldere dag hebben bezocht en waar we een mooi uitzicht hadden op het kleine autovrije eiland La Graciosa. Ook de Jardín de Cactus hebben we bezocht op een van de zeldzame zonnige dagen. Zijn woning met atelier, Casa Museo Manrique, bezochten we in de gietende regen. In het atelier stonden her en der potten verf en penselen, alsof de kunstenaar elk ogenblik binnen zou kunnen komen.

Foto’s Jardín de Cactus
Foto’s Casa Museo Manrique & Mirador del Rio
Random foto’s van Lanzarote

(*) Veertig jaar geleden was Lanzarote een rustig eiland met weinig toeristen. Nu lijkt het eiland ingepalmd door Britten en Ieren en dat bepaalt volledig de sfeer. De Irish pubs en Engelse bars zijn niet te tellen, en is er nog nauwelijks authenticiteit te vinden. Op de borden in de vertrekhal van de luchthaven waren 16 van de 20 vluchten richting Engeland en Ierland. Bizar. En jammer. En helemaal niet hoe Manrique het in zijn hoofd had voor Zijn eiland. Gelukkig hadden we er weinig last van want ons hotel lag helemaal afgelegen, zo’n 4 km van het centrum.