woensdag 27 juni 2012

Portugal

 

Reisverslag!


En zo werd het weer juni, al sinds jaar en dag onze vakantiemaand. Dat de reis voor de derde keer op rij naar Portugal zou gaan, dat wisten we al van vorig jaar augustus toen ik bij Brussels Airlines supergoedkope vliegtickets op de kop heb kunnen tikken (72 euro pp retour naar Porto). We zouden wel andere steden doen dan vorig jaar, er is tenslotte meer dan genoeg te zien en te ontdekken in Portugal.

Zoonlief en zijn meisje brachten ons op 3 juni naar de luchthaven, en na een voorspoedige vlucht landden we tegen de middag op de luchthaven van Porto. De auto (een Peugeot 207 SW diesel) was snel opgehaald bij Europcar. GPS geïnstalleerd, adres van het hotel in Braga ingevoerd en daar gingen we ...
Onderweg, bij het eerste het beste kraam "se vende cerejas do resende" meteen maar een kilo kersen gekocht. 2,50 euro voor lekker knapperige zoete kersen. Dat een kilometer verderop het aanbod alsmaar groter en de prijs alsmaar kleiner werd kon en mocht de pret niet drukken. Nu ja, ze waren lekker en de 2,50 euro meer dan waard.

Eenmaal in Braga nogal wat rondjes gereden alvorens we de hotelparking gevonden hadden! Het is wat met die eenrichtingsstraten daar. Ingecheckt in hotel Bracara Augusta en heel snel terug naar buiten, voor een lichte lunch in de zon op het grote plein in het midden van de stad. In deze oude steden betaal je nog steeds extra als je wat verbruikt op de esplanada (het terras dus).

Nadien hebben we Braga verkend en 's avonds hebben we genoten van een lekker diner in het hotelrestaurant Centurium, door Michelin bekroond met een bib gourmand. Als hotelgasten kregen we een gratis aperitief aangeboden, ook het couvert was 'on the house' en water stond standaard op tafel. Daar bovenop nog eens 15% korting. Een aanrader in Braga!

Dag twee begon met een uitgebreid ontbijt (buffet). Er stond naast de standaard koffiemachine een professionele Nespresso met een ruime keuze aan cupjes. En geen mens die wist hoe het apparaat werkte ... behalve wij. Hahaha! Na het ontbijt zijn we naar Viana do Castelo gereden, een stadje gelegen aan zee. Het stadje op zich stelde niet veel voor, maar het was lekker warm en het strand lonkte ... we hebben dus een paar uren op het strand zitten lezen. Deed wel deugd, die heerlijke warme zon na de natte en koude lente thuis! Het viel wel op dat het daar nog helemaal geen strandseizoen is, ook niet op de andere stranden die we bezocht hebben aan de kust in het noorden en het centrum. 's Avonds bacalhau assado na brasa gegeten bij Inácio in Braga met een fles rode vinho verde (lekker, als hij fris geschonken wordt).

De volgende dag hebben we in de voormiddag wat geshopt want er zijn ontzettend veel winkels in Braga, vooral schoenwinkels. Manlief heeft twee paar schoenen gekocht en een mooie jeans. Ook aan de vele pastelarias kon hij heel moeilijk weerstaan. Helaas geen schoenen voor mij want als je maat 41 vraagt voor een damesschoen kijken ze je aan of ze het in Keulen horen donderen. Jammer, want ik heb wel honderd paar gezien die me aanstonden.

’s Middags hebben we - uiteraard, zou ik zeggen – het sanctuarium Bom Jesús do Monte in Teñoes bezocht. Bom Jesús is een van de heilige plaatsen in Portugal waar destijds - en nog steeds, had ik de indruk - veel bedevaarders kwamen. De barokke kerk aan het eind van een 116 meter hoge trappengalerij is te bereiken via 686 trappen. Je kon er ook met de auto naartoe ... even raden wat wij gedaan hebben!

Helaas is het weer toen omgeslagen en toen we even later in Guimarães aankwamen - European Cultural Capital 2012 & UNESCO World Heritage Site – viel er zo af en toe wat lichte regen. We hebben toch nog een tijd doorheen deze middeleeuwse stad, de eerste hoofdstad van Portugal, gelopen. 's Avonds hebben we nogmaals in het hotel gegeten: cataplana de marisco. Cataplana is een typisch Portugees gerecht (vis, zeevruchten, kip, ...) dat wordt gestoofd en opgediend in een 'cataplana', een koperen pan met deksel in de vorm van een grote visschelp.

De volgende morgen was het tijd om Braga te verlaten en onze reis verder te zetten, naar Óbidos. We hebben een kleine omweg gemaakt langs Costa Nova om de gekleurde huisjes te bekijken. Een plaatsje met een heel erg 'aan zee' gevoel.

In de namiddag ingecheckt in hotel Real d'Óbidos. Gelukkig had het hotel een garage, want in zo'n klein stadje met ultrasmalle straatjes een parkeerplaats vinden is geen simpele zaak! Óbidos is heel toeristisch, overdag heel druk met dagjesmensen (busladingen vol, een beetje zoals Sintra), maar 's avonds geen levende ziel te zien. Het is een klein stadje en op een paar uren heb je 't daar wel gezien.

We hebben ook de hele stadsomwalling gewandeld en waren ook daar in een goed uur mee rond. Ik vond het wel de moeite waard om het stadje vanuit de hoogte te bekijken, al was het best vermoeiend want ook in deze stad zijn de hoogteverschillen aanzienlijk. Ook te merken op de stadswallen!

Het aanbod aan restaurants is in Óbidos niet om over naar huis te schrijven - echt gericht op toeristen - en na twee wat mindere ervaringen zijn we op onze laatste avond maar in de Pousada Castelo de Óbidos gaan eten. Ook dat was een tegenvaller: veel te duur voor wat het was en heel stijfdeftige bediening. Niks voor ons.

We hadden aanvankelijk drie nachten geboekt in Óbidos, maar gezien het mooie weer van de eerste dagen (en de nabijheid van de zee) en de hitte die er op dat moment heerste in Évora (onze volgende stop), besloten we een dag te verlengen in Óbidos en een dag eraf te pitsen in Évora. Dat hadden we, achteraf gezien, beter niet gedaan want het weer sloeg nog maar eens een keer om. We hebben gelukkig wel één prachtige dag gehad aan het surfstrand in Baleal.

In het kort: Óbidos zelf is goed voor een halve dag, meer niet. Vanuit Óbidos hebben we nog een uitstap gemaakt naar Tomar en hebben daar een prachtig stukje Estremadura gereden. Het had wat weg van Toscane: glooiende heuvels, en hier en daar een quinta met een rijtje cipressen ervoor. Ook nog naar Nazaré geweest waar het dan 's avonds toch weer prachtig weer was. Net zoals bij ons breekt ook hier de zon veel sneller door aan zee. Nazaré is nog zo’n typisch ouderwets kuststadje, waar oude dametjes in klederdracht aan de rand van de weg op een stoeltje kamers zitten te verhuren. Ontelbare bordjes met ‘se aluge quartos’ heb ik gezien. Op onze laatste dag in Óbidos begon het tegen de middag te miezeren. We zijn dan maar in de salon in het hotel gaan lezen. Een half dagje rust kan tenslotte nooit kwaad.

Op naar onze volgende bestemming: Évora. Een hele mooie rit langs de N114 en op het gemakje genieten van het zo mooie afwisselende landschap. Zo druk en bebouwd het Portugese noorden is, zo rustig en eindeloos is het zuiden.

Ingecheckt in het boutique hotel Albergaria do Calvário waar de ontvangst hartverwarmend was. Onze auto werd er door de voiturier in de garage gereden terwijl wij in de tuin wachtten met een glas Reguengo tot onze lunch zou geserveerd worden. Je voelt dat je hier een stuk zuidelijker zit. Het was er schitterend weer: warm, droge lucht en een fijne bries.

Wat later op de middag hebben we een wandeling door de leuke universiteitsstad Évora gemaakt, het Palácio en de Capelo de Cadaval bezocht, alsook de Romeinse overblijfselen. In Évora is het niet zo evident om op zondagavond een restaurant te vinden. De meeste zijn dan gesloten, zo ook de twee bib gourmands die ik had aangeduid. Dan maar het advies van de receptioniste van het hotel gevolgd en gegeten bij 1/4 para as 9. Het was niet slecht, maar ook geen hoogvlieger.

De volgende dag, na een super bio ontbijt (deels buffet, deels à la carte) Évora verder bezocht. Het mooie park onder andere, de route van de megalieten in Guadalupe gereden en naar het zeer hoog gelegen Évora Monte waar buiten een oude kasteelruine niets te zien was.'

s Avonds hebben we gegeten in de BL Lounge (bib). Niet de typische eenvoudige Portugese gerechten, maar een meer verfijnde keuken. We aten er onder andere een voorgerecht van koude aardappelen met knoflookmayonaise en favas com chorizo. Voor mij nadien een heerlijke risotto met groene asperges en gambas, voor manlief een reusachtige perfect gegrilde tonijnsteak. Ook een dessert van de dessertwagen mocht hier niet ontbreken (voor manlief althans). Het weer in Évora was eigenlijk perfect voor sightseeing: warm, doch niet té met veel zon en af en toe wat witte wolkjes.

Op 12 juni 's morgens zijn we dan via de N wegen naar Cabanas de Tavira (ons 'home away from home') gereden. Een prachtige rit, strakblauwe lucht, dwars door de mooie natuur van de Alentejo en het Parque Natural do Vale do Guadiana. Net zoals vorig jaar hebben we ook nu weer genoten van de vergezichten onderweg: rijstvelden, olijfgaarden, wijnstokken, kurkeiken, ooievaars, oneindige graanvelden, zonnebloemen, …

Al snel vonden we onze residentie Cabanas Gardens en werden we door Chris naar ons appartement op de 1ste verdieping gebracht. Een mooi en nieuw appartement, niet zo groot als dat van vorig jaar, maar wel met alles erop en eraan, ook een ondergrondse garage en een lift. Net als vorig jaar was het ook hier zeer rustig.

Over de Algarve heb ik nog weinig te vertellen. We kennen het er ondertussen wel zo’n beetje. We hebben dankzij Tripadvisor nog wel wat nieuwe restaurantjes ontdekt, buiten het over-toeristische circuit, m.a.w. in een iets duurdere prijsklasse maar nog steeds maar een fractie van onze Belgische prijzen. Zo hebben we o.m. gedineerd bij Amore Veroda BairradaMesa do Cume en Jamie’s Cozinha. En verder de bekende adresjes van vorige jaren. Én ik heb één keer het fornuis gebruikt in ons appartement!

We hebben hier over het algemeen zeer mooi en aangenaam weer gehad, met één dag een uitschieter naar 41° toen we op uitstap waren naar Silves en Lagos. Lagos is een leuke badstad trouwens. Ook nog vrij authentiek, maar wel veel drukker dan Tavira.
De laatste dagen was er veel wind op het strand maar dan bood het heerlijke zwembad uitkomst. We hebben deze keer vaker het strand van Praia Verde bezocht. Eens iets anders dan Cabanas.

Op 21 juni zat onze tijd er hier op en met pijn in het hart namen we afscheid van de Algarve, om in één ruk weer naar het noorden te rijden, naar Porto waar we twee dagen nadien onze terugvlucht naar Brussel zouden nemen. Maar eerst nog een paar dagen genieten van de – voor mij – leukste stad in Portugal: Porto.

Ik had voor het gemak hetzelfde hotel geboekt als vorig jaar. Het is goed gelegen, heeft een garage in de buurt en – niet onbelangrijk – het is vlot te bereiken. Om 17u15 ingecheckt en om 17u30 zaten we al aan de porto! Nadien zijn we naar de Ribeira gelopen en hebben we de rivier gevolgd naar het nieuwe stadsdeel, een wijk met veel moderne gebouwen, dit mede dankzij de aanwezigheid van een befaamde universiteit voor architecten.

We hadden zo lang gelopen dat we om 21u compleet doodop het eerste het beste restaurant aan de Ribeira zijn binnengestrompeld. Ik herinner me niet eens de naam …

Het was die avond voetbal. Tsjechië speelde tegen Portugal en Portugal won! Wat een feest in de stad. Nooit gezien, nooit meegemaakt. Wij liepen ook met een (zeer bescheiden) Portugese vlag rond en het is onvoorstelbaar hoe je dan gewoon wordt opgenomen in het feestgedruis. Ik kan niet tellen hoeveel keer wij op straat omhelsd zijn door wildvreemden. Het was een heel fijne ervaring in ieder geval.

Dag twee, na een copieus ontbijt in het hotel, zijn we te voet tot aan de Ribeira gelopen en hebben daar de oude tram 1 genomen naar Foz de Douro, een soort voorstadje van Porto met luxe winkels en villa’s langsheen de ‘strand’-boulevard. Totaal iets anders dan de oude (voor mij echte) stad Porto.

Daar hebben we een eind langs de boulevard gelopen en wat gedronken op het terras bij Shis. Er stond veel wind maar achter het glas was het heerlijk. De prijs van een glas doodgewone porto was wel zwaar overdreven.

Nadien zijn we verder doorgelopen tot helemaal aan het einde van Matosinhos (het strand van Porto). Volgens de ober bij Shis was het maar een kwartier lopen, maar ik vermoed dat hij het zelf nooit gedaan heeft want wij hebben er een uur over gedaan, en flink doorgestapt ook nog! We zijn dan gaan kijken bij Os Lusíadas of het wat voor ons was (tip van een zakenrelatie) en hebben ter plekke gereserveerd voor het diner. Daarna op een terras aan de boulevard in Matosinhos een heerlijk verse gegrilde dorade gegeten. Samen met gebakken aardappelen in de schil en een flinke portie groenten 6 euro … Helemaal voldaan van het eten hebben we dan maar de bus teruggenomen naar de stad en zijn daar op een terras aan de kade van de Douro neergeploft.


’s Avonds hebben we de bus terug genomen naar Matosinhos voor ons – letterlijk – laatste avondmaal bij Os Lusíadas. We hebben hier de robalo nao forno ao sal (zeebaars in zoutkorst) gegeten, een gerecht waarvoor dit restaurant bekend staat. Het serveren van de vis is nog een heel ritueel dat kundig door de stijfdeftige ober werd uitgevoerd. We hebben hier lekker gegeten hoewel ik de bediening veel te stijf vond. Er kon geen lachje vanaf. De mensen spraken ook nauwelijks Engels. Ik had het gevoel dat dit meer een restaurant is voor zakenmensen. In ieder geval: de rekening viel mee want, zoals bij alle betere visrestaurants, worden ook hier de prijzen aangegeven per kilo. Het blijft dus tot op het einde een verrassing wat je uiteindelijk gaat moeten betalen.

En na een laatste slechte nacht was dan echt het moment van opstappen aangebroken. Nog een laatste pingu (espresso met een beetje melk) op een terras in de zon, de auto ingeleverd (2800 km), en dan maar wachten op onze terugvlucht. En ondertussen alvast dromen van de volgende vakantie …



Info hotels (geselecteerd aan de hand van reviews op Tripadvisor, Fodor’s en booking.com):

Braga (3 nachten): Bracara Augusta, historisch hotel in het centrum van Braga. Klassieke kamer, niet al te groot, met een breed bed, bureau en zitje, flatscreen TV. Pillow menu, badjassen en een goed gevulde minibar. Er stond een fles water en een mandje fruit dat de volgende dagen werd aangevuld. Kamer was goed af te sluiten met luiken. Ruime badkamer in marmer met ligbad en kwaliteitsproducten, ook een scheerspiegel. Bad- en bedlinnen met het embleem van het hotel. Gratis wifi. Gratis parkeerplaats in voor het hotel gereserveerde parkeervakken op straat. Tuinterras en goed restaurant, stijlvol bemeubeld. ’s Morgens uitgebreid ontbijtbuffet. Buiten gewone koffie ook een professioneel Nespresso apparaat met veel verschillende cupjes. Prijs/kwaliteit: goed.

Óbidos (4 nachten): Real d’Óbidos, historisch hotel net buiten de stadsmuur in middeleeuwse stijl. Aparte sfeer, deed een beetje kloosterachtig aan. Personeel was gekleed in middeleeuwse klederdracht, wat ik toch wel overdreven vond. Klassieke kamer met twee extra lange queensize bedden, bureau en zitje. Pillow menu. Iedere avond een chocolaatje op het hoofdkussen. Flatscreen TV. Mooie ruime badkamer met ligbad. Bad- en bedlinnen met het embleem van het hotel. Zeer dunne muren! Internet te betalen (hotspot, 5 euro voor 24u op te gebruiken binnen de 7 dagen). Zwak signaal. Gratis garage onder het hotel. Zwembad met ligstoelen en terras. Groot salon met verschillende zithoeken naast de lobby met kasten vol met drank waarvan je jezelf mocht bedienen, systeem 'honesty bar'. ’s Morgens uitgebreid ontbijtbuffet, met o.m. champagne en – helaas – afbakbroodjes. De ontbijtruimte was groot en had nauwelijks daglicht. Niet echt gezellig. Prijs/kwaliteit: goed. Het minst goede hotel deze vakantie.

Évora (2 nachten): Albergaria do Calvário, luchtig boutique hotel net binnen de stadsmuren gelegen. Ruime, luchtige doch vrij sobere kamer met een standaard dubbel bed. Pillow menu. Koelkastje met een paar flesjes water (gratis), flatscreen TV. Kleine badkamer in marmer met douche. Bad- en bedlinnen met het embleem van het hotel. Gratis wifi. Gratis garage onder het hotel (met voiturier). Diverse salons en een gezellige binnentuin waar je ’s morgens kon ontbijten of een lichte lunch bestellen. ’s Morgens uitgebreid ontbijt met organische producten, deels als buffet en deels à la carte. Verse pannenkoeken, eieren, spek, espresso, cappuccino, … alles naar believen. Wat hier vooral zal bijblijven is de hartelijkheid van het personeel. Nog nergens hebben wij ons zo welkom gevoeld. Prijs/kwaliteit: misschien iets te duur.

Cabanas de Tavira (9 nachten): nieuw appartement op de 1ste verdieping in residentie Cabanas Gardens met één slaapkamer met een goed dubbel bed, badkamer met bad, lavabomeubel, bidet en toilet. Verder een ruime living met grote flatscreen TV, DVD en BluRay-speler, iPod docking station, een hele kast vol met DVD’s, en verder een keuken met alles erop en eraan, incl. was- en vaatwasmachine, een terras met tuinmeubilair. Airco/verwarming. Gratis wifi. Gemeenschappelijk zwembad met ligbedden, ondergrondse garage. Alle deuren en poorten te openen met toegangscode. Gratis wifi. Prijs/kwaliteit: meer dan correct.

Porto (2 nachten): Porto Trindade, vrij nieuw designhotel, goed gelegen in het stadscentrum. Kamer 100% geluidsdicht, niet erg groot en de kasten volgestouwd met kussens. Pillow menu dus! Verder een flatscreen TV, koffie- en theezetfaciliteiten. Kleine design badkamer met douche, lavabo en toilet met goede producten. Bad- en bedlinnen met het embleem van het hotel. Gratis wifi, zwak signaal op de 5de verdieping. ’s Morgens uitgebreid ontbijtbuffet. Parkeergarage op 300m, het hotel nam de kosten tussen 18u en 09u voor zijn rekening. Prijs/kwaliteit: meer dan correct.

dinsdag 24 april 2012

Pas de Calais

 

Even er tussenuit


Wat krikt een mens toch op van er zomaar even een paar daagjes tussenuit te zijn. Het had wat voeten in de aarde, want ik had eigenlijk geboekt van maandag tot donderdag om te gaan fietsen op Terschelling. Nu waren de weergoden ons niet zo goed gezind (10° en windkracht 4), dus annuleren die handel. We zouden dan maar thuis blijven, er moest nog wat geklust worden. Zondagavond hadden we zoiets van: wat doen we een hele week thuis?, want we zijn beiden in verlof. Iets anders gezocht dus, waarbij onze keuze viel op de regio Nord - Pas-de-Calais om lekker uit te waaien op de mooie stranden en mocht het weer het niet toelaten, stadjes kijken.



Maandag na de lunch maar direct begonnen met een fikse strandwandeling: van Wimereux naar Ambleteuse. Een uur heen, een uur terug. We hadden een jas aan en nog een pull, maar we heben beide in de loop van de wandeling uitgetrokken want het was best wel warm op het strand, en er stond geen wind. Heerlijk weer gewoon.

Eigenlijk is dit best een moeilijk strand om te bewandelen want het ligt er vol met kleine en grotere mosselbanken. Het verbaasde ons dan ook dat er zoveel mosselen bovengehaald worden daar. Er waren best veel mensen die daar hun avondmaal bij elkaar aan 't schrapen waren: mosselen en couteaux.



's Avonds ingecheckt in Château des Tourelles in Le Wast, een onooglijk dorp zo'n 15 km uit de kust. De kamers waren wat gedateerd maar functioneel en spic & span. De ontvangst was erg hartelijk. Ik had dit hotelletje gekozen omwille van de uitstekende reviews over het hotelrestaurant, zowel op Tripadvisor als op L'Internaute. Deze laatste is echt mijn houvast voor restaurants in Frankrijk. We hebben het ons weer niet beklaagd!



Je kan hier logeren in kamer met ontbijt of in halfpension. Als je halfpension boekt en je wil toch een van de menu's of à la carte eten, dan wordt de prijs van het halfpension (15 euro) van de rekening afgetrokken. Ik had via booking.com geboekt en uiteindelijk veel meer betaald dan dat we halfpension zouden geboekt hebben bij het hotel en onze menu's laten verrekenen met de halfpension prijs. Weer een les geleerd.

M. koos voor het menu à 33 euro (4 gangen keuzemenu), mij bevielen de gerechten van het menu van 25 euro (3 gangen keuzemenu) beter. De wijnkaart is hier enorm uitgebreid en, zoals het een chauvinistische Fransoos betaamt, bestond ze uitsluitend uit Franse wijnen. Voor elk wat wils, en zeker niet te duur. Ik was ook geweldig gecharmeerd van het mooie servies.

En wat hebben we gegeten ...
Manlief: escargots van Radinghen met gerpersilleerde lookboter, eedenborst met fijne groenten en aardappelkroketten, kaas van de kaaswagen, chocoladedessert in crème anglaise.
Ikzelf: feuilleté de saumon (bladerdeeg en zalm) in een romige saus met dille, kabeljauwstaart op een bedje van prei in een (alweer) romige saus, tulp met 3 bollen (!) sorbet en wat verse vruchtjes.

En toen konden we geen pap meer zeggen.




De volgende morgen na een lekker ontbijt - een typisch Frans ontbijt, aan tafel opgediend hier - gewikt en gewogen of we nog en nacht zouden blijven. Helaas had ik de nacht weer slapeloos doorgebracht dus heb ik er, met pijn in het hart, voor gekozen er een lange dag van te maken en 's avonds naar huis te rijden zodat ik in in mijn eigen bed kon bijslapen.

's Morgens hebben we de ville fortifiée van Boulogne-sur-Mer bezocht en nog wat door de winkelstraten gelopen. Ook nog wat kleding gekocht natuurlijk. 's Middags geluncht in de zon op de Place Dalton, en in de namiddag naar Wissant gereden voor nogmaals een twee uur durende strandwandeling. Van Wissant naar Cap Blanc-Nez deze keer. Het was iets frisser op het strand en er stond een beetje wind maar we waren toch blij dat we de jassen in de auto hadden gelaten.






Na nog wat te hebben gedronken op een van de schaarse terrasjes in Wissant en een warme maaltijd wat verderop in De Panne keerden we voldaan naar huis terug.

We waren maar twee dagen weg, maar het heeft ons enorm veel deugd gedaan.





maandag 12 december 2011

Het andere Egypte

 

Het andere Egypte


Het Egypte dat wij kennen van onze reizen (elf keer als ik goed geteld heb) is meestal vuil, chaotisch, met opdringerige winkeliers, en taxichauffeurs en andere dienstverleners die constant met hun hand open staan voor 'bakshish'.

Er is ook een ander Egypte. De naam is El Gouna, een luxe toeristenenclave niet zover van het drukke en chaotische Hurghada. We waren er al eens eerder geweest, ik meen zo'n 15 jaar geleden, en toen was El Gouna nog helemaal niks. Vier luxehotels aan de lagunes en enkele vieze cafeetjes in 'downtown' en dat was het. Het El Gouna van nu is uitgegroeid tot een oase van luxe en rust, een prachtige jachthaven (Abu Tig Marina), luxe hotels en villa's (te koop en/of te huur) omringd door gigantische tropische tuinen, en eet- en drinkgelegenheden in overvloed. En uiteraard aan alle kanten bewaakt met slagbomen en gewapende portiers. Toegegeven, het heeft met het echte Egypte niets te maken want deze oase zou zich zo maar overal ter wereld kunnen bevinden. Maar het is wél heerlijk om vrij te kunnen rondlopen zonder telkens lastig gevallen te worden, en om op een gezellig en proper terras te zitten.

Eigenlijk is het gewoon heel jammer om hier all inclusive te verblijven. De keur aan restaurants is echt enorm. Egyptisch uiteraard, maar evengoed Marokkaans (Mamounia), sjiek Frans (Le Deauville), trendy upper-class Belgisch-Duits (Rive Gauche), klassiek Italiaans (La Scala), of hip en jong (Moods). En dat aan prijzen waar we hier eens van kunnen dromen, én bovendien allemaal gelegen op de meest idyllische locaties met het water van de lagune of van de open zee heel dichtbij.

Voor we vertrokken had ik gezegd dat dit toch wel echt de laatste keer Egypte was. Maar zie, ik ben alweer helemaal om. Ik zou morgen terug vertrekken als het kon.

Ook ons hotel (Three Corners Ocean View) was trouwens prima. Het was dat hotel waar een heel verhaal aan vast zit ... We hadden een heerlijke ruime kamer beneden, heel rustig met zicht op de lagune, met een overdekt terras en een open privé terras met ligbedden. We hebben er ook lekker gegeten en de service was prima. Het hotel is 'adults only', zonder bijbedoelingen trouwens, er zijn alleen geen faciliteiten voor kinderen. Erg rustig dus. Hier willen we best nog wel eens vertoeven ...

zondag 26 juni 2011

Portugal

 

Het Grote Reisverslag



Ik dacht, ik schrijf maar even een reisverslag voor het nageslacht. Helaas heeft het nageslacht niet veel interesse in de avonturen van moeder en vader. Ach, dan schrijf ik het toch gewoon voor mezelf en voor mijn trouwe lezers. Het wordt wel lang ... u bent gewaarschuwd!

Maandagmorgen 6 juni vertrokken we, gepakt en gezakt, met de trein - jawel! - naar de luchthaven van Zaventem voor onze vlucht naar Porto. Daar aangekomen haalden we onze huurauto op, een spiksplinternieuwe Seat Ibiza met 230 km op de teller. Ondanks de heksenketel onderweg leidde onze Claire (GPS) ons feilloos naar ons hotel in het hart van Porto. Nadat we de koffers naar boven hadden gebracht togen we maar meteen naar de bar om ons welkomstdrankje, een glas heerlijke porto of wat had je gedacht, te nuttigen. Hij smaakte ons bijzonder lekker.

En dan de stad in natuurlijk. Het hotel lag in de bovenstad, en wij wilden helemaal naar beneden, naar de Douro. Ik had dus al snel in de gaten dat het een moeilijke klus zou worden om op eigen kracht terug boven te geraken. Gelukkig is het openbaar vervoer hier bijzonder goed geregeld: metro of bus, we konden kiezen.
Het uitzicht op de stad vanaf Vila Nova de Gaia (waar de porthuizen gelegen zijn) aan de overkant van de Douro was fenomenaal mooi in het avondlicht.

Dag twee hebben we de Douro vallei gereden. Mooi, mooi, mooi. Vooral het tweede deel: de Rota do Vinho do Porto tot in Pinhâo. Glooiend landschap, veel haarspeldbochten, wijnstokken zo ver het oog reikt en verder vrijwel geen levend wezen te zien onderweg. Ieder porthuis heeft zijn eigen wijngaard, netjes aangeduid met een (of meerdere) bordje(s). Het eerste deel van de route, de Rota dos Vinhos Verdes, vonden wij persoonlijk wat saaier.

En dan moest er natuurlijk ook geproefd worden. Dat deden we de volgende dag. Eerst sightseeing in Porto en tegen de middag wandelden we - bergop uiteraard - richting Taylor's voor de lunch. Die tip had ik via een internet kennis. Barão de Fladgate is een klassige zaak, en gelukkig konden we op het terras zitten want we waren - zoals altijd tijdens de vakantie - heel casual gekleed. Vanop ons plekje hadden we een enig zicht op de stad.

Na de lunch deden we een rondleiding bij Graham's met aansluitend een portproeverij. Zeer interessant wat de jongeman ons allemaal wist te vertellen over port van A tot Z. Ik heb onthouden dat je een Ruby het best een paar uren in de koelkast zet voor je hem schenkt, en dat een Vintage maximaal twee dagen bewaard kan worden eens de fles open is geweest. Dat wordt even flink doordrinken als je maar met twee bent ... In de proefkamer proefden we een Late Bottled Vintage (2005), een Ruby Finest Reserve en een Tawny 10 years old. De laatste was de beste.

De volgende dag lieten we Porto achter ons en begaven we ons richting Sintra, onze tweede halte. Onderweg stopten we nog even in Aveiro, ook wel het Venetië van Portugal genoemd. Buiten de moliceiros die wat weg hebben van een gondel vond ik er weinig Venetië aan. Het station was ook nog wel mooi om te zien. Een groot statig wit gebouw met veel blauwe azulejos. En we moesten toch lunchen, dat ging dus in één moeite door.

Aangekomen in Sintra (het miezerde een beetje) vonden we al snel onze B&B. Van buiten zag het er allemaal netjes uit. Een prachtige tuin met zwembad en heel veel bomen, apart stond een gebouwtje waarin de kamers ondergebracht zijn. En toen viel het toch wel even tegen. De kamer was zeer basic, de badkamer klein en zo mogelijk nog eenvoudiger. Geen productjes, niet eens een doos kleenex. Ik had echt zin om snel weer weg te lopen maar geboekt is geboekt, dus we hadden weinig keuze wilden we geen tweemaal kosten maken. En ach, we zouden toch veel weg zijn, dus we overleefden het hier wel. Maar ik begrijp toch nog altijd niet hoe ze op Tripadvisor op één konden staan (ze staan nu trouwens op 2 en misschien na mijn review nog lager).

We gingen al snel het stadje in, steil omhoog deze keer. Wat een drukte! Busladingen vol toeristen werden er gedropt. Er is natuurlijk ook best veel te zien qua paleizen en tuinen. 's Avonds, toen de hordes toeristen verdwenen waren, was het er trouwens heerlijk rustig.

De volgende ochtend, na ons ontbijt buitenshuis, bezochten we achtereenvolgens Quinta da Regaleira en het park en in de namiddag het Palácio Nacional de Pena en het park. Mooi, en uitstekend verzorgd, maar niet meer zo heel veel kleur in de tuinen. De meeste bloeiende struiken en snijbloemen waren natuurlijk al uitgebloeid. En steil, steil dat het was! Tegen de avond hadden we allebei pijn in onze kuiten. We hadden natuurlijk ook onze wandelingen in Porto er al op zitten. Nog een uurtje aan het zwembad gezeten voor we gingen eten.

De volgende morgen vertrokken we al vroeg naar Lissabon, met de trein. Een fluitje van een cent want vanuit Sintra is er maar één lijn en die gaat rechtstreeks naar station Rossio in Lissabon. Aan kaartjes geraken uit de automaat, die na stap 1 plots alleen nog Portugees 'sprak', was nog even een avontuur op zich, maar dankzij mijn kennis van het Frans en het Spaans is uiteindelijk ook dat gelukt.

En toen stonden we daar in Lissabon. Ik had wel een stadsplan en we wisten wat we wilden zien, maar ik vond het toch een chaotische bedoening. Omdat Lissabon op zeven heuvels is gebouwd kochten we direct maar een dagkaart voor het openbaar vervoer. Daarmee mochten we ook op de hop-on, hop-off bus en zo lieten we ons heerlijk in de open bus door de stad voeren, met de haren in de wind.

Eerste stop was Belém aan de rivier Taag waar de beroemde pastéis de Belém vandaan komen. Natuurlijk moesten we pastéis hebben van DE bakkerij. Ze waren niet eens zo lekker in feite. Na nog wat te hebben rondgewandeld en bekeken in Belém ging het terug met de bus naar het stadsdeel Baixa, de 'lage' moderne stad met grote gebouwen en immense pleinen. Heel anders dan bijvoorbeeld de wijk Bairro Alto waar we met de elevador naartoe 'stegen'. En ook weer anders dan de wijk Alfama waar we met zo'n oud geel trammetje (lijn 12) naartoe tramden 's avonds. Deze wijk had toch wel mijn voorkeur. Heel levendig en volks, met kleine donkere cafeetjes en typische restaurantjes. Na onze wandeling aldaar daalden we te voet terug af naar de Baixa waar we in de omgeving van het station een restaurant opzochten. Daar gingen we na een paar uren heel vrolijk naar buiten. Onderweg naar het station kregen we nog hash aangeboden van een paar duistere figuren maar we hadden al zoveel wijn in ons lijf (vandaar de vrolijkheid) dat we het vriendelijk maar resoluut geweigerd hebben. Na 40 minuten treinen stonden we rond een uur of elf terug in Sintra op het station. Een lange en vermoeiende dag.

Rust was dus wat we nodig hadden de volgende dag. Het strand Praia das Maças bracht uitkomst. Ligbedden gehuurd en lekker een halve dag in de zon liggen lezen. Daarna nog Cabo da Roca - het meest westelijke punt van het Europese vasteland - bezocht en de populaire badstad Cascais. Gezellig om rond te lopen, heel veel zonnige terrasjes met opdringerige obers, maar geen plek voor ons om te verblijven. Veel te druk. We waren uiteindelijk nog blij dat we 's avonds terug naar onze basic B&B in Sintra konden!

Onze laatste dag in Sintra begon bewolkt. We bezochten Monserrate (paleis en park). Weer ging het op en neer in het prachtige park. In de namiddag nog een goed uur aan het strand van Praia do Guincho in Cascais gezeten tot er hele donkere wolken kwamen overdrijven. Toen zijn we maar naar Boca do Inferno gereden en hebben we 's avonds onze valiezen ingepakt voor onze rit naar Algarve de volgende dag.

Een flinke rit, zo'n 325 km. De autowegen in Portugal zijn zalig om te rijden. Op het hele traject zijn we misschien twintig auto's gepasseerd. Dat maak je in België zelfs 's nachts niet mee! Het landschap onderweg is ook prachtig. Je rijdt midden door de natuur in een glooiend landschap bijna loodrecht naar het zuiden. Wijngaarden worden afgewisseld met rijstvelden, olijf- en appelsienengaarden, serra's, uitgestrekte zonnebloemvelden, ... Ook heel veel ooievaars gezien onderweg. Op iedere hoogspanningspiloon zaten er wel een aantal nesten. Blijkt dat deze pilonen speciaal met plateaus gebouwd worden om de ooievaars in het landschap te houden.

In de namiddag kwamen we aan in Cabanas de Tavira. We kenden het natuurlijk al, hadden er vorig jaar ook een appartement gehuurd, wel in een andere straat. Na een simpel telefoontje kwam Nico van de 'management company' ons de sleutel brengen en toen konden we ons gaan installeren in onze luxe penthouse. Het was nieuw en heel ruim. De leren zetels en stoelen geurden nog naar de nieuwigheid. We waren de enige residenten in het blokje (3 app.), het was er dus super rustig. Tien minuutjes lopen naar het centrum (wat heet) van Cabanas en de ferry service naar het strand. Kon echt niet beter. Manlief heeft genoten van het dakterras. Die stond 's morgens speciaal vroeg op om daar al te kunnen gaan zonnen. Overdag was het daar trouwens veel te warm.

Veel hebben we niet gedaan in de Algarve. We hadden natuurlijk vorig jaar al veel bezocht en het was veel te heet om iets te ondernemen. We zijn een keer gaan shoppen in de luxe mall in Portimâo, hebben een rit gemaakt door de Serra de Monchique en Caldas de Monchique bezocht, verder nog een stadswandeling in Olhâo en het oude centrum van Faro. En voor de rest hebben we genoten van de zee en het witte strand en van ons appartement.

Omdat we vanuit Porto terug naar huis zouden vliegen (de prijs van one-way vliegtickets en van de drop-off fee voor de auto noopten ons daartoe) en onze vlucht in de vroege namiddag ging, zijn we een dag eerder vertrokken vanuit Cabanas en hebben we nog overnacht in de pousada in de buurt van Coimbra. Dat gaf ons ook de gelegenheid om deze universiteitsstad te bezoeken. Een groezelige, wat vieze stad vonden wij. Maar goed, we zijn er geweest en na de zoveelste vrijwel slapeloze nacht leverden we de volgende middag de auto in met 2700 km meer op de teller en vlogen we, na een zeer geslaagde vakantie, terug naar huis.

Há caracóis!


Wat opviel in alle steden en stadjes, behalve in de toeristenplaatsen in de Algarve, is de armoede die heel zichtbaar is. Heel veel leegstand en woningen in erbarmelijke staat, bedelaars, kreupelen, daklozen die in een portiek sliepen op een stuk karton.

Verblijf (geselecteerd aan de hand van reviews op Tripadvisor en Fodor's):
Porto (3 nachten): Porto Trindade, vrij nieuw designhotel, goed gelegen in het stadscentrum. Kamer 100% geluidsdicht, aan de kleine kant met weinig bergruimte en slechts één zitje. 'Pillow menu' met een keur aan hoofdkussens. Kleine design badkamer met douche, lavabo en toilet. Uitgebreid ontbijtbuffet, met heel veel vers fruit, lekker spek met eieren, charcuterie en kaas, ... voor elk wat wils. Parkeergarage op 300m, het hotel nam de kosten tussen 18u en 09u voor zijn rekening. Netjes!
Prijs/kwaliteit: meer dan correct.

Sintra (5 nachten): Casa do Valle, een wat tegenvallende B&B. Kamer en badkamer zeer basic en vooral badkamer zeer klein met een (plastiek) douchecabine, lavabomeubeltje en toilet. Wel een zeer goed bed, en een rustige ligging, maar helaas was de kamer niet goed te verduisteren. En ik ben al zo'n slechte slaper, heel gevoelig aan licht en geluid. Mooie en goed onderhouden tuin met zwembad en ligbedden. Ontbijt was optioneel en moest je op je kamer of op je mini-balkon nuttigen. Voor het balkon was het te fris en op de kamer ontbijten vinden wij niet gezellig, dus dat hebben we dan ook niet gedaan. Je kan in Portugal in ieder café een al dan niet uitgebreid ontbijt krijgen. Veel gezelliger.
Prijs/kwaliteit: te duur.

Cabanas de Tavira (9 nachten): luxueuze penthouse (2de verd.) met 2 slaapkamers met goede bedden met elk een eigen badkamer (een met ligbad/douche en een met douche), lavabomeubel, bidet en toilet. Verder een ruime living en keuken met alles erop en eraan, terras met meubilair en dakterras met ligbedden. Echt een heerlijk luchtig half open-plan appartement op de 2de - en dus hoogste - verdieping. Gemeenschappelijk zwembad met ligbedden.
Prijs/kwaliteit: correct.

Coimbra (1 nacht): Pousada de Condeixa-a-Nova, een van de staatshotels dus. "Old world charm", alles straalde luxe en klasse uit. Zeer ruime kamer met twee bedden (harde matrassen) en zithoek en grote luxe marmeren badkamer met ligbad, dubbele lavabo en toilet. Ook hier 'pillow menu'. Uitgebreid ontbijtbuffet, net zo lekker als in Porto. Groot zwembad met ligbedden in de mooie groene tuin.
Prijs/kwaliteit: correct.


Eten: eenvoudige Portugese keuken, geen culinaire hoogstandjes. Douradas, robalos, sardinhas, mariscos, ... in allerlei vormen tot ze zo ongeveer onze oren uitkwamen. In de Algarve hebben we wel gezocht naar de wat mooier gelegen restaurantjes, aan het strand bijvoorbeeld. Pézinhos N'areia was met 78 euro alles-erop-en-eraan onze enige 'uitspatting'. Het restaurant was idyllisch gelegen met uitzicht op het mooie strand van Praia Verde, en het eten was lekker (en veel, zoals overal in Portugal). De zachte loungemuziek op de achtergrond maakte het plaatje compleet.
Gerechten die er deze vakantie uitsprongen waren de cataplana de peixo e marisco bij O Tamboril in Olhâo, de arroz de tamboril com gambas bij O Monteiro in Cabanas en voor manlief de chanfana (geitenvlees in rode wijn) in Coimbra.
Prijs/kwaliteit: tja, als je voor gemiddeld zo'n 35 euro voor twee een volledige maaltijd eet, inclusief water, wijn en koffie, dan heb je niet te klagen.

Weer: uitstekend weer tijdens de hele reis. Een perfecte temperatuur van om en bij de 22° (in de schaduw uiteraard) tijdens onze rondreis en 'ietsjes' warmer in de Algarve. Tot zo'n 36° (ook in de schaduw) de laatste dagen. Dat was - voor mij althans - van het goede te veel. Gelukkig waait er daar aan het strand meestal een stevige wind maar het was helaas te warm om veel te gaan sightseeën.